Skip to content

Over Hoornik had Hermans een duidelijke mening: ‘’t Had slecht met Hoornik kunnen aflopen, na de bevrijding. Maar hij had geluk. Geheel per vergissing pakten de Duitsers hem op en brachten hem naar het concentratie kamp Dachau.

februari 10, 2018

In een artikel over de bloemlezing van Jeroen Brouwers, “Hij is reeds aan de Overzijde”, maakte W.F. Hermans van de gelegenheid gebruik een frontale aanval te openen op de herinnering aan Ed. Hoornik. Hermans memoreerde in zijn artikel een bijdrage van Ed. Hoornik aan het Algemeen Handelsblad van 31 juli 1941, waarin hij een vraaggesprek had met de overtuigde nationaal-socialist Henri Bruning, een stuk waarop ik terug kom, maar waarin zinsnedes voorkwamen als ‘de definitieve en volledige vrijmaking van de Germaanschen mensch, van het Germaansche wezen: de vrijmaking in een even sterke (trouwe) als eenvoudige gebondenheid aan de waarachtige waarden (en plichten) van dit leven’.

Over Hoornik had Hermans een duidelijke mening: ‘’t Had slecht met Hoornik kunnen aflopen, na de bevrijding. Maar hij had geluk. Geheel per vergissing pakten de Duitsers hem op en brachten hem naar het concentratiekamp Dachau. En weer had hij geluk, want hij bracht het er nog le-vend af! En toen, na de bevrijding, was iedereen, ook ik, van mening dat de arme Hoornik Duitslands geestesleven grondig genoeg had leren ken-nen daar in Dachau, om er verder het zwijgen maar toe te doen.’ De reac-ties op het artikel van Hermans zouden overweldigend moeten zijn, gezien de grote schare vrienden en bewonderaars van Hoornik, maar niets van dat al. ‘Hermans’ jongste mededelingen in Elseviers Magazine zijn met sui-zende stilte ontvangen. Mij verbaast dat’, constateerde Jan Zandbergen in Propria Cures.79

Adriaan Venema. “Schrijvers, uitgevers en hun collaboratie”:

(…) de stilte na het artikel van Hermans was opvallend. (…) een week later nog een ingezonden brief 81 waarin Hermans enkel aangevallen werd omdat hij de uitlating van Mulisch over Ed. Hoornik (‘Je laat een leegte achter’) belachelijk maakte en de briefschrijver stelde dat hij op deze wijze ook clichés die Hermans gebruikte, aan kan vallen. Verder geen enkele reactie in Elseviers Magazine.

Betekent dit dat Hermans gelijk had met zijn felle attaque op de houding van Hoornik in de oorlogsjaren?

Welzeker. Hooguit kan gesteld dat de waarheid wat gecompliceerder is en daarom wellicht interessanter. Ik zal in cirkels om Hoornik draaien voordat ik des poedels kern raak: het interview met Bruning, door Hermans al triomfantelijk aangehaald.

Het begin is voor ons onderwerp het minst relevant: de arrestatie van Hoornik. Hij verdween daarna naar Dachau. Voor Hoornik zelf en zijn oeuvre na de oorlog zou Dachau van groot belang zijn. En wellicht ook voor het beeld dat van Hoornik zou worden gegeven.

De arrestatie had plaats op 19 augustus 1943. In de maanden daarvoor had Hoornik een half ondergronds, half bovengronds leven geleid. Het was een intermezzo, ingeluid met zijn vertrek bij het Algemeen Handelsblad in september 1942. Op deze datum kom ik nog terug.

Zie: W.F. Hermans, ‘Tranen storten aan de groeve’. In; Elseviers Maga-zine, 42e jrg., no. 18, 3-5-1986, pp. 98-99.

Ed. Hoornik, ‘In gesprek met Henri Bruning’. In: Algemeen Handelsblad, 31-7-1941.

Jan Zandbergen, ‘Wisecracks’. In: Propria Cures, 96e jrg., no. 28/29, 17-5-1986.

Elseviers Magazine, 17-5-1986, p. 11, brief G.W. Deele, Voorburg.

Elseviers Magazine, 24-5-1986, p. 11, brief Koos Hageraads, Amsterdam. [p. 363]

(…)Ik zal in cirkels om Hoornik draaien voordat ik des poedels kern raak: het interview met Bruning, door Hermans al triomfantelijk aangehaald.

Na de Tweede wereldoorlog kreeg zijn werk een sceptische en wat bittere ondertoon. De confrontatie met de dood ging zijn werk beheersen.

Pag. 363. (…) cs-6 is een van de belangrijkste verzetsgroepen in Nederland geweest

(…) deze periode dat hij (Hoornik) contacten zou hebben gehad met de groep cs-6. Tenminste: als we hem op zijn woord geloven, dat trouw werd doorverteld door Mies Bouhuys en daarna weer overgenomen door ’s rijks geschiedschrijver.

In geen van de documenten over cs-6, aanwezig in het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie is iets terug te vinden van welke betrokkenheid van Hoornik bij cs-6 dan ook.

Pag 364. (…)Het is opvallend dat het blad Lichting (waarover in het volgend hoofdstuk meer) dat nauwe banden met cs-6 onderhield en dat na de arrestatie en executie van de meeste leden van cs-6 dan ook ophield, zich eind 1942 nog negatief over Criterium en Hoornik uitliet, verwonderlijk als we uit zouden gaan van betrokkenheid van Hoornik bij de groep.

Criterium en dat het ‘de neutrale openheid en het romantisch-nationalisme’ ‘als te slap, te onzijdig in een tijd die een principieel standpunt eiste’ afwees.

(wordt vervolgd)

From → Zonder categorie

Geef een reactie

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: